Vraag & antwoord:
Financiën

Hoeveel huur kan ik betalen? Wat is mijn maximale hypotheek? Hoe vergroot ik mijn financiële armslag? En kan ik verhuizen met een restschuld? Op deze en andere vragen vindt u hier de antwoorden.

Welk budget past bij mij?

Als u gaat verhuizen, dan krijgt u te maken met eenmalige en maandelijkse kosten. Het budget dat u hiervoor kunt of wilt vrijmaken, hangt af van uw financiële situatie en uitgavenpatroon.

Kosten op een rijtje zetten

Om te voorkomen dat u met financiële tegenvallers wordt geconfronteerd, is het belangrijk de eenmalige en maandelijkse kosten goed op een rijtje te zetten. Ook moet u uw financiële situatie en uitgavenpatroon goed in beeld hebben.

Eenmalige kosten

Of u nu naar een koophuis of een huurhuis gaat, u maakt altijd eenmalige kosten voor de verhuizing en voor het inrichten van uw nieuwe huis (en tuin). Bij een koophuis maakt u ook nog eens eenmalige kosten voor bijvoorbeeld de hypotheekadviseur. Verder brengt u eigen geld in.

Budget: maandelijkse kosten

Woont u in een huurhuis, dan betaalt u elke maand huur en servicekosten. Heeft u een koophuis, dan zijn er andere maandelijkse lasten, zoals de rente en aflossing van uw hypotheek, en de kosten voor bijvoorbeeld verzekeringen, onderhoud en belasting (WOZ). En natuurlijk wilt u elk maand ook nog wat overhouden om te sporten, uit te gaan of andere leuke dingen te doen.

Meer informatie:

  • De extra eenmalige en maandelijkse kosten van een huurhuis kunt u vinden op Funda.
  • Een overzicht van de kosten van een nieuwbouw koophuis vindt u bij de Vereniging Eigen Huis.
  • Ook op de site van de Vereniging Eigen Huis: een overzicht van de vaste maandelijkse lasten van een koophuis.
  • De kosten van de inrichting en de afwerking kunt u per ruimte berekenen met de budgetplanner van de Vereniging Eigen Huis.
  • Voor een basistuin van 5,7 bij 12,1 meter kunt u verschillende ontwerpen maken en de bijbehorende kosten zien op Take me Outside.
  • Bij het Nibud kunt u met het persoonlijk budgetadvies inzicht krijgen in uw totale inkomsten en uitgaven. U ziet hier ook wat een vergelijkbaar huishouden uitgeeft.

Hoeveel huur kan ik betalen?

U ziet een mooi huurhuis dat aan uw wensen voldoet. De vraag is dan of de huurprijs verantwoord is. Om dit te bepalen, kijkt een verhuurder naar uw inkomen, eigen vermogen, schulden en verplichtingen.

Geen landelijke richtlijnen

Er zijn verschillende manieren om deze maximale huur of maximaal verantwoorde huur te bepalen. De ene verhuurder rekent bijvoorbeeld in netto bedragen, de andere in bruto bedragen. En de ene keer worden de energielasten wel meegerekend, de andere keer niet. Hiervoor zijn geen landelijke richtlijnen.

Toch: indicatie maximale huur

Toch is er wel een indicatie. In het algemeen kunt u er voor het berekenen van uw maximale huur van uitgaan dat uw bruto maandinkomen 3,5 tot 4,5 keer zo hoog moet zijn als de kale huurprijs.

Huurquote of woonquote

In plaats van over de 'maximale huur' wordt vaak ook gesproken over de huurquote of de woonquote. De huurquote geeft aan welk deel van uw inkomen u verantwoord aan huur kunt besteden. Wanneer ook de energielasten worden meegerekend, wordt gesproken over de woonquote. Hoe hoog de huurquote of de woonquote is, hangt af van uw inkomen en de samenstelling van uw huishouden. Met een hoger inkomen kunt u een hoger percentage daarvan besteden aan wonen. Een groter huishouden maakt meer kosten voor bijvoorbeeld voeding en kleding. Dan blijft er dus minder over voor huur.

Persoonlijke situatie bepalend

Al met al is uw persoonlijke situatie sterk bepalend voor het bepalen van een verantwoorde huurprijs. Is uw inkomen te laag, maar heeft u wel voldoende eigen vermogen? Dan kan de verhuurder een hogere huurquote accepteren. Schulden of verplichtingen kunnen juist weer leiden tot een lagere maximale huur. Belangrijk is daarnaast dat een tweede inkomen niet volledig meetelt. Informeer bij uw verhuurder wat in uw situatie mogelijk is. En bedenk vooral ook waar u zich prettig bij voelt.

Meer informatie:

Wat is mijn maximale hypotheek?

Als u een huis koopt, sluit u in de meeste gevallen een hypotheek af. Maar wat kunt u maximaal lenen? En welke hypotheeklasten zijn verantwoord? Voor het antwoord op dit soort vragen is uw financiële situatie bepalend.

Regels en normen voor maximale hypotheek

De bank wil erop kunnen vertrouwen dat u uw hypotheek kunt terugbetalen. En de overheid wil voorkomen dat u in de problemen raakt door een te hoge hypotheek. Daarom zijn er de laatste jaren steeds meer regels en normen gekomen. Bijvoorbeeld voor de woonquote, het percentage van uw bruto jaarinkomen dat u maximaal per jaar als bruto hypotheeklast mag hebben. Of voor de hypotheek zelf, of voor de verhouding tussen het hypotheekbedrag en het inkomen (loan-to-income, LTI). Deze normen zijn afhankelijk van het inkomen en het rentepercentage, en daarom voor iedereen dus steeds weer een beetje anders.

Ingewikkelde berekeningen

De normen zijn allemaal weergegeven in de zogenoemde financieringstabellen. Al met al is het bepalen van uw maximale hypotheek een ingewikkelde zaak. Bij een hoger inkomen horen een hogere woonquote, een hogere maximum hypotheek en ook een hogere LTI. Maar als de rente omhoog gaat, gaan de maximale hypotheek en LTI omlaag, terwijl de woonquote dan juist hoger wordt.

Financieringslast (rente plus aflossing)

Hoe dan ook, alles draait om het begrip 'financieringslast'. Dit is het bedrag dat u maandelijks betaalt aan rente en aflossing op uw hypotheek. De financieringslast is via de tabellen aan een absoluut maximum gebonden. Het bedrag dat u betaalt aan rente en aflossing mag nooit boven dit maximum komen. Maar als u uw financieringslast weet, weet u nog niet hoeveel u kunt lenen. Dit hangt namelijk af van de volgende factoren:
  • De looptijd van de hypotheek. Hoe korter de looptijd, hoe kleiner het bedrag dat u met een vast maandbedrag kunt aflossen. En bij een looptijd langer dan dertig jaar, mag u de hypotheekrente niet meer aftrekken.
  • Het rentepercentage en de rentevaste periode. Als u meer rente moet betalen, blijft er minder over om af te lossen. En dus kunt u minder lenen. Normaal gesproken is de rente hoger naarmate de rentevaste periode langer is.
  • De fiscale aftrekbaarheid van de hypotheekrente. De hypotheekrenteaftrek gaat de komende jaren stapsgewijs omlaag. Daardoor betaalt u meer rente en kunt u minder lenen.

Inkomen, vermogen, schulden en verplichtingen

Welke financieringslast voor u is toegestaan, hangt bovendien samen met uw financiële situatie. Om die in kaart te brengen, kijkt de bank in de eerste plaats naar uw inkomen. Daarnaast kijkt zij naar uw eigen vermogen, uw schulden en uw verplichtingen. Heeft u bijvoorbeeld schulden af te lossen of moet u alimentatie betalen, dan is er minder geld over voor een hypotheek. De bank zal u dan minder willen lenen.

Waarde van het huis

Het maximale hypotheekbedrag is niet alleen gekoppeld aan uw financiële situatie, maar ook aan de waarde van uw huis. Vanaf 1 januari 2015 mocht de hypotheek bijvoorbeeld niet hoger zijn dan 103 procent van de waarde van het huis en dat percentage gaat stapsgewijs verder omlaag. Sinds 1 januari 2017 bedraagt de 'loan-to-value' of LTV 101 procent en vanaf 1 januari 2018 gaat dit naar 100 procent. Vanaf volgend jaar mag u dus niet mee lenen dan de waarde van het huis dat u met die lening wilt kopen.

Ook belangrijk: uw uitgavenpatroon

De normen zijn bedoeld om u te behoeden voor een te hoge hypotheek. Maar u bent zelf ook partij. U heeft een bepaalde manier van leven en daar horen bepaalde uitgaven bij. De maandlasten die u met uw hypotheek aangaat, moeten daar wel bij passen. Uw uitgavenpatroon kan namelijk best wel eens afwijken van de gemiddelden waar de normen op zijn gebaseerd. Om dit mee te wegen, is advies van een financieel specialist zeker aan te raden. Voor een eerste indicatie helpt internet u goed op weg.

Meer informatie:

Wat is vrij op naam?

De aanduiding 'vrij op naam' betekent bij nieuwbouwhuizen dat de meeste kosten voor de bouw en de overdracht van het huis en de grond bij de koopprijs zijn inbegrepen.

Inbegrepen in v.o.n.-prijs

Bij nieuwbouw zijn in de v.o.n.-prijs de meeste kosten inbegrepen die samenhangen met de grond, de bouw, de ontwikkeling en de overdracht van het huis. Belangrijke daarbij is dat deze kosten bekend moeten zijn bij het ondertekenen van het koopcontract. Het gaat om de volgende kosten:
  • De kosten voor de grond waarop het huis staat.
  • De bouwkosten, inclusief loon- en materiaalkostenstijging.
  • De kosten van de architect en overige adviseurs bij de bouw.
  • De aanleg- en aansluitkosten van water, elektra, riolering en gas- of stadsverwarming.
  • De omzetbelasting (BTW) over de genoemde kosten.
  • Gemeentelijke leges (belasting).
  • De notariskosten voor de overdracht van uw woning.
Indien van toepassing zijn ook de volgende kosten bij de v.o.n.-prijs inbegrepen:
  • De makelaarscourtage voor de verkoopmakelaar die namens de ontwikkelaar de verkoop van de woningen begeleidt.
  • De kosten van het waarborgcertificaat van SWK, Woningborg of BouwGarant.

Niet inbegrepen in de v.o.n.-prijs

De kosten die bij het sluiten van het koopcontract niet bekend zijn, zijn niet inbegrepen in de v.o.n.-prijs. Dit zijn:
  • De kosten voor eventueel meerwerk.
  • Rentekosten die samenhangen met de bouw.
  • De periodieke betaling van een eventuele erfpachtcanon.
Ook kosten voor diensten en werkzaamheden die afhankelijk zijn van uw eigen keuzes en voorkeuren, vallen buiten de v.o.n.-prijs. U kiest bijvoorbeeld zelf of u een hypotheek wenst af te sluiten en of u telefoon en kabel wenst. U kiest zelf met welke aanbieder u zaken doet en tegen welke voorwaarden, dus draag u ook zelf die kosten. U moet denken aan de volgende kosten:
  • De afsluitprovisie en notaris- en kadasterkosten voor uw hypotheek.
  • De kosten voor het aanvragen van een Nationale Hypotheek Garantie (NHG).
  • De aanleg- en aansluitkosten voor telefoon en kabel.
  • De kosten van uw eigen adviseurs, bijvoorbeeld voor een opleveringskeuring.

Afwijkingen zijn mogelijk

Niet alle ontwikkelaars hanteren exact hetzelfde lijstje. De afkoop van erfpacht is bijvoorbeeld soms (gedeeltelijk) in de v.o.n.-prijs opgenomen, maar soms ook niet. U krijgt altijd een gespecificeerd overzicht bij de prijslijst voor het nieuwbouwproject. Vraag om uitleg als het voor u onduidelijk is of bepaalde kosten wel of niet onder de v.o.n.-prijs vallen.

Meer informatie:

Welke hypotheekvoordelen biedt nieuwbouw?

Nieuwbouw is energiezuinig, onderhoudsvriendelijk en aan te passen aan uw wensen. Maar wist u dat u ook kunt profiteren van diverse hypotheekvoordelen, zoals een lagere rente of een hogere leengrens?

Hypotheekvoordelen op een rijtje

Bewust Nieuwbouw heeft in de overzichtelijke flyer Een betere hypotheek bij een nieuwbouwhuis die hypotheekvoordelen voor u op een rijtje gezet. Kort gezegd biedt een nieuwbouwhypotheek u:
  • bij sommige banken een lagere hypotheekrente;
  • bij sommige banken een hogere leengrens (zodat u meer kunt lenen), omdat een nieuwbouwhuis energiezuinig is;
  • de mogelijkheid om de keuken, de vloer, de inrichting van de tuin en andere zaken mee te financieren;
  • en de mogelijkheid om eventuele dubbele maandlasten vanuit de hypotheek te betalen.
In de flyer worden deze voordelen toegelicht en van interessante rekenvoorbeelden voorzien.

Duizenden euro's voordeel

Het gaat niet om kleine bedragen. Een nieuwbouwhypotheek kan u zomaar vele duizenden euro's voordeel opleveren.

Meer informatie:

Krijg ik meer hypotheek voor een energiezuinig huis?

Doordat u in een energiezuinig huis minder betaalt voor energie, houdt u meer geld over voor andere uitgaven. Daarom kunt u voor een energiezuinig huis een hogere hypotheek krijgen.

Inkomenstoets voor hypotheek

Bij het bepalen van wat u mag lenen voor de aankoop van uw huis, doet de bank een inkomenstoets. Zij kijkt daarbij naar de verhouding tussen de hoogte van de hypotheek en de hoogte van uw inkomen. Maar er zijn ook andere factoren die bepalen hoeveel u bij een bepaald inkomen kunt lenen. De overheid stelt hier jaarlijks tabellen voor vast.

Meer lenen bij energiezuinig huis

Als het huis voldoende energiezuinig is, mag u meer lenen. De bank mag dan een bepaald bedrag buiten de inkomenstoets houden. Dit wordt ook wel de vrijstelling genoemd. Hoeveel meer u kunt lenen, hangt af van hoe zuinig uw huis precies is. Alle nieuwbouwhuizen met een zogeheten energieprestatiecoëfficiënt (EPC) van 0,6 of minder zijn energiezuinig genoeg om voor een vrijstelling in aanmerking te komen.

Voorwaarden voor vrijstelling

De overheid stelt ieder jaar opnieuw de hoogte van de vrijstelling en de exacte voorwaarden vast. Deze voorwaarden kunnen bijvoorbeeld betrekking hebben op de EPC, het energieopwekkend vermogen van het huis en de garantie die de leverancier geeft op de energieprestatie. Ook komt u pas voor een vrijstelling in aanmerking als uw toetsinkomen boven een bepaalde grens ligt.

Vraag uw bank naar deze regeling

Banken zijn voorzichtig met geld uitlenen. Als ze u te veel lenen, lopen ze meer risico dat u uw lening niet kunt aflossen. Daarom informeren zij u zelden uit zichzelf over de mogelijkheid om extra hypotheek te krijgen voor een energiezuinig huis. U doet er dus goed aan er zelf actief bij uw bank naar te vragen.

Meer informatie:

Bij welke banken kan ik extra lenen voor nieuwbouw?

Bij steeds meer banken kunt u voor het kopen van een nieuwbouwhuis extra hypotheek krijgen. Voorwaarden zijn dat uw huis energiezuinig genoeg is en dat u voldoende inkomen heeft.

Geld over door minder energiekosten

In een energiezuinig huis heeft u, bij normaal verbruik, minder energiekosten. Zo houdt u meer geld over voor rente en aflossing. Daarom mag u volgens de leennormen van het kabinet meer lenen. Voorwaarde is wel dat u voldoende verdient.

Overzicht 'nieuwbouwvriendelijke' banken

Inmiddels kunt u in Nederland bij dertien banken extra lenen als u een nieuwbouwhuis koopt met een EPC (energieprestatiecoëfficiënt) van maximaal 0,6. Hoe lager dit getal, hoe energiezuiniger uw huis. Het gaat om de volgende banken:
  • ABN AMRO
  • AEGON
  • BJG
  • BLG Wonen
  • Florius
  • Nationale Nederlanden
  • Obvion
  • Rabobank
  • Regiobank
  • SNS Bank
  • Triodos
  • Woonfonds
Vier banken hebben speciale hypotheken of hypotheektarieven voor nieuwbouwwoningen:
  • ASR
  • Delta Lloyd
  • Nationale Nederlanden
  • Rabobank

Nóg meer hypotheek nul-op-de-meter woningen

Voor zogeheten nul-op-de-meter woningen is de extra lening nog een stuk hoger. In een nul-op-de-meter huis wordt evenveel energie (duurzaam) opgewekt als u gebruikt. Banken die 25.000 euro extra financieren voor NOM woningen zijn:
  • Rabobank
  • Triodos
  • Volksbank (Bouwfonds Limburgse Gemeenten)
  • ABN Amro

Andere nieuwbouwvriendelijke banken doorgeven

Kent u een ook bank die extra hypotheek verstrekt voor nieuwbouwhuizen met een EPC van 0,6 of lager? Geef de naam van die bank dan door via redactie@bewustnieuwbouw.nl.

Meer informatie:

Hoe lang zet ik de hypotheekrente vast?

De hypotheekrente is nog altijd historisch laag. Dus zetten veel mensen de rente voor een langere periode vast. Maar hoe langer de rentevaste periode, hoe hoger het rentepercentage. Wat is verstandig?

Verwachte renteontwikkeling

Voor het beantwoorden van die vraag moet u onder meer rekening houden met de verwachte renteontwikkeling. Die is echter niet te voorspellen, zeker niet op langere termijn. Business Insider Nederland, een site met vooral zakelijk nieuws, heeft daarom voor een annuïteitenhypotheek verschillende scenario's op een rijtje gezet. In het algemeen komen die op het volgende neer:
  • U kunt het beste kiezen voor een korte rentevaste periode als u verwacht dat de rente gaat dalen of beperkt gaat stijgen.
  • U kunt het beste kiezen voor een lange rentevaste periode als u verwacht dat de rente harder gaat stijgen.

Inkomenssituatie

Dat klinkt allemaal heel logisch. Toch is dat niet het hele verhaal, schrijft Business Insider. Heeft u bijvoorbeeld variabele inkomsten? Of verwacht u in de toekomst minder te gaan werken (en dus minder te gaan verdienen)? Dan is het in veel gevallen verstandiger de rente voor een langere periode vast te zetten. Ook als u geen rentestijging verwacht. U betaalt dan weliswaar een hoger tarief, maar 'koopt' een stuk zekerheid. En als u een hypotheek afsluit die gezien uw inkomen relatief hoog is, is een lange rentevaste periode eveneens aan te bevelen. Als de rente opeens gaat stijgen, heeft u daar geen last van.

Verschil tussen lange en korte rente

Voor een weloverwogen besluit moet u ook kijken naar de zogeheten rentestructuur. Dat is het verschil tussen de korte en de lange rente. Rentes die voor langere tijd vast staan, zijn normaal gesproken hoger dan rentes die voor een korte periode vast staan. Is het verschil tussen kort en lang klein, dan kost het u relatief weinig extra als u de rente voor een langere periode vastzet. Is het verschil groot, dan betaalt u voor de extra zekerheid van een langlopende vaste rente relatief veel en is het misschien toch beter om voor een kortere periode de rente vast te zetten. Om in dat geval te voorkomen dat u alsnog fors meer moet gaan betalen als de kortlopende rente opeens stijgt, kunt u het voordeel van de lagere maandlasten gebruiken om extra af te lossen.

Woonhorizon: hoe lang blijft u in uw huis wonen?

Hoe lang u in uw huis denkt te blijven wonen, is eveneens een aspect om mee te wegen. Een lange rentevaste periode ligt niet voor de hand als u maar kort in uw huis denkt te blijven wonen. U koopt dan immers zekerheid voor een langere periode dan nodig. Daardoor bent u relatief duurder uit. Als u de rente bij een verhuizing kunt meenemen naar uw volgende hypotheek, speelt dit argument minder.

Karakter

Verder speelt uw karakter een rol in de afweging. Houdt u niet van verrassingen? En ligt u al wakker van een klein beetje onzekerheid over uw financiën? Dan kunt u de rente beter voor een langere tijd vastzetten. De verwachte renteontwikkeling is dan eigenlijk van minder belang. U kunt in veel gevallen ook voor een middenweg kiezen. Dan verdeelt u uw hypotheek in een deel met een kortlopende rente en een deel met een langere rentevaste periode. Zo profiteert u van de lage rente van de korte rentevaste periode en dempt u het risico van stijgende maandlasten.

Variabele rente: als u tegen een stootje kunt

Als u kiest voor een variabele hypotheekrente en de rente dus niet voor langere tijd vastzet, profiteert u doorgaans van een lagere rentestand. Gaat de rente echter stijgen, dan stijgen uw maandlasten meteen mee. Een variabele rente is daarom eigenlijk alleen geschikt voor mensen met een flinke overwaarde. Of voor mensen met een lage hypotheek ten opzichte van het inkomen. Zij kunnen tegen een stootje. Een stijging van de maandlasten als gevolg van een oplopende rente is voor hen vervelend, maar geen ramp.

Persoonlijke afweging

Kortom, of u de rente moet vastzetten en voor hoe lang is geen eenvoudige te beantwoorden vraag. Het is een persoonlijke keuze. U kunt altijd uw hypotheekadviseur vragen een aantal scenario’s voor u uit te werken.

Meer informatie:

  • Op Business Insider Nederland leest u meer over de keuze voor een langere rentevaste periode.
  • Naast informatie over het kiezen van uw rentevaste periode vindt u op actuelerentestanden.nl een historisch renteoverzicht van 1960 tot en met 2015.

Mijn tuin meefinancieren, kan dat?

Een fraai terras, een heerlijk gazon, sfeerverlichting en beplanting die elk seizoen zijn eigen kleur geeft. Een tuin is het verlengde van uw huis. En u kunt de aanleg meefinancieren in uw nieuwbouwhypotheek.

Tuin: bijna alle kosten meefinancieren

Op talrijke websites met informatie over hypotheken staat dat u de aanleg van uw tuin ‘gewoon’ kunt meefinancieren als u een nieuwbouwhuis koopt. En vaak geldt dit voor bijna alle kosten, zoals het terras, de erfafscheiding, de verlichting en het uurloon van de hovenier. "Alleen zaken als beplanting en verplaatsbaar tuinmeubilair zijn niet mee te financieren", zegt Robert van der Velden, hypotheekadviseur bij HypotheekPlatform.

Grens aan meefinancieren

Maar een beetje tuin kost al gauw duizenden euro’s, en dat geld kunt u waarschijnlijk goed gebruiken voor de aankoop van het huis zelf en voor bijvoorbeeld het meerwerk. Daar komt nog bij dat u, als gevolg van de aanscherping van de hypotheekregels, dit jaar (2017) nog maar 101 procent van de waarde van het huis mag lenen. De ruimte om de tuinaanleg mee te financieren in de nieuwbouwhypotheek, is dus beperkt.

Een tuin voegt waarde toe

Ondanks die leengrens ziet Van der Velden mogelijkheden. “Een mooie tuin voegt waarde toe aan je huis, waardoor je juist weer wat meer kunt lenen”, zegt hij. “Stel, je koopt een nieuwbouwhuis van 200.000 euro en de aanleg van de tuin kost 10.000 euro. Dan is de totale waarde 210.000 euro. Dat is het bedrag waar geldverstrekkers mee rekenen. Op voorwaarde dat je voldoende verdient, is je maximale hypotheek dan dus 101 procent van die 210.000 euro.”

Tuinaanleg: hypotheekrenteaftrek

De aanleg van een tuin is volgens Van der Velden dan ook vergelijkbaar met het laten uitvoeren van meerwerk, zoals een dakkapel of aanbouw. Het is een investering die het huis meer waard maakt, en dus in de hypotheek kan worden meegenomen. “Het grote voordeel daarvan is natuurlijk dat de investering onder de hypotheekrenteaftrek valt. Daardoor kost het per saldo minder.”

Kiezen tussen tuin en meerwerk

Behalve de leengrens is er nog een andere beperking waarmee u rekening moet houden: het maximum dat geldverstrekkers hanteren voor het meefinancieren van meerwerk. Van der Velden: “De meeste banken houden voor het meefinancieren van tuin en meerwerk een maximum van 10 tot 15 procent van de koopsom aan. Als je met je meerwerk al aan dat percentage zit, kan die tuinaanleg er dus niet meer bij.”

Tuin meefinancieren: hoe werkt dat?

Als u de tuinaanleg kunt meefinancieren in uw nieuwbouwhypotheek, betaalt uw geldverstrekker dit uit uw bouwdepot. Dat is een ‘spaarpotje’ waarin u een deel van de lening stopt. Bij het afsluiten van de hypotheek geeft u duidelijk aan hoeveel de tuinaanleg gaat kosten. Dit doet u met een gespecificeerde offerte. Facturen van de hovenier die met deze offerte overeenkomen, worden vervolgens door de bank voldaan.

Informatie:

Hoe vergroot ik mijn financiële armslag?

Soms lijkt een huis net te duur. Twee soorten regelingen zouden u dan kunnen helpen: regelingen om uw maandlasten en/of de prijs te verlagen, en regelingen die het risico beperken dat u met uw oude woning blijft zitten.

Huurtoeslag

Gaat het om een nieuwbouw huurhuis? En is de huur daarvan te hoog in verhouding tot uw inkomen? Dan komt u misschien in aanmerking voor een tegemoetkoming in de huur, ofwel huurtoeslag. Voorwaarden zijn dat uw inkomen en uw vermogen niet te hoog zijn. Ook mag de huur niet te hoog zijn. Om die reden komt u met commerciële huurwoningen zelden in aanmerking voor huurtoeslag. Gaat het om een huurhuis van een woningcorporatie, dan is de kans groter dat u huurtoeslag krijgt.

Meer informatie:

  • Uitleg over de huurtoeslag vindt u op de website van de Rijksoverheid.
  • Als u precies wilt weten wat de voorwaarden zijn in uw situatie, kijkt u op de website van de Belastingdienst.

Financiële steun bij kopen

De meeste regelingen richten zich niet op huurwoningen, maar op koopwoningen. Steeds meer ontwikkelaars bieden regelingen aan om u te helpen de stap naar een nieuwbouw koophuis te zetten. Ook veel woningcorporaties en sommige gemeenten hebben een regeling om uw droomhuis binnen bereik te brengen. Soms zijn ouders bereid en in staat om te helpen. In het overzicht hieronder vindt u een aantal regelingen. Dit overzicht is niet compleet.

Meer informatie:

Ik ben al wat ouder. Is kopen dan nog een optie?

Senioren in een eengezinswoning willen vaak naar een comfortabel en levensloopbestendig appartement. Een húúrappartement wel te verstaan. Want kopen, dat doe je niet meer als je boven de 60 bent. Of toch wel?

Rente historisch laag

Jazeker. Want kopen kan juist heel aantrekkelijk zijn als u al wat ouder bent, zeker nu de rente zo historisch laag is. Twee rekenvoorbeelden illustreren waarom.

Rekenvoorbeeld 1:

Senioren: hypotheeklast lager dan huur

Stel, u heeft een riant nieuwbouw appartement op het oog van 335.000 euro (vrij op naam). Daar komt bijvoorbeeld nog 50.000 euro bij aan meerwerk en inrichtingskosten. De totale kosten komen daarmee op 385.000 euro. Als de verkoop van uw huidige huis 235.000 euro opbrengt (en u heeft daar geen schuld meer op), kunt u voor uw nieuwe woning een annuïteitenhypotheek afsluiten van 150.000 euro (385.000 - 235.000 = 150.000). Een dergelijke hypotheek wordt zonder problemen verstrekt, omdat er op de nieuwe woning voldoende overwaarde zit. Bij een rente van 2,4 procent is uw bruto maandlast bij deze hypotheeksom slechts 639 euro, inclusief overlijdensrisicoverzekering. Voor dit bedrag kun u geen vergelijkbaar appartement huren, ook als de bijdrage aan de Vereniging van Eigenaren wordt meegerekend. Belangrijk: er zijn inmiddels banken die een rente van 2,4 procent voor 20 jaar vast aanbieden (peildatum juni 2016).

Geen huurverhogingen, rente aftrekbaar

Maar er zijn ook nog andere voordelen. Zo heeft u, door te kopen, geen last van jaarlijks terugkerende huurverhogingen. Daarnaast is de rente van uw hypotheek aftrekbaar in box 1. En die leuke dingen dan, die u met de opbrengst van uw oude huis van plan was? Natuurlijk, u kunt het geld daar nu niet aan uitgeven (het zit immers in uw nieuwe appartement), maar dankzij de fors lagere maandlasten houdt u in veel gevallen maandelijks voldoende over om comfortabel te kunnen leven.

Rekenvoorbeeld 2:

Lagere lasten, én geld over voor leuke dingen

Stel, u verkoopt uw huidige huis met een overwaarde van 200.000 euro. Het lijkt dan vanzelfsprekend dat u vervolgens gaat huren, om flink wat vrij besteedbaar geld te hebben voor leuke dingen. Maar kopen is ook in dit geval een goed alternatief. Het appartement dat u op het oog heeft, is bijvoorbeeld negentig vierkante meter groot en kost 208.000 euro. U besluit de helft van deze kosten zelf in te brengen (104.000 euro). De andere helft (eveneens 104.000 euro) leent u. Dat mag aflossingsvrij, omdat dit bedrag veel lager is dan de waarde van de nieuwe woning. Omdat dit geld uit de overwaarde op uw oude huis komt, is de rente op deze hypotheek niet fiscaal aftrekbaar. Maar dan nog bent u per maand fors goedkoper uit dan wanneer u een vergelijkbaar appartement huurt. Immers, de bruto maandlast op uw hypotheek van 104.000 euro bedraagt, bij een rente van 2,4 procent (voor 20 jaar vast), 204 euro. Tel daar de bijdrage voor de Vereniging van Eigenaren (zeg: 130 euro) bij op, en u komt uit op een maandlast van 334 euro. Als u een vergelijkbaar appartement zou huren, zou u rond de 800 euro per maand kwijt zijn. Een verschil van (bruto) 596 euro per maand. Een fors lagere maandlast dus, geen zorgen over jaarlijkse huurverhogingen en, niet te vergeten: 96.000 euro voor leuke dingen. Dat is immers het bedrag dat overblijft van de verkoop van uw oude huis.

Meer informatie:

  • Informeer bij uw financieel adviseur wat in uw situatie het meest passend is: kopen of huren.

Overbruggingskrediet: oplossing bij dubbele woonlasten?

Heeft u de verwachte overwaarde van uw huis nodig om uw nieuwe huis te financieren? En is die overwaarde nog niet vrijgekomen? Dan is een overbruggingskrediet misschien een oplossing. Geldverstrekkers zijn er echter terughoudend mee.

Tijdelijke lening

Een overbruggingskrediet is een tijdelijke lening die u kunt afsluiten als u een nieuw huis koopt, terwijl de overwaarde van uw oude huis nog niet is vrijgekomen. Dat laatste is het geval als u uw oude woning nog niet heeft verkocht of als u die wel heeft verkocht, maar de overdracht nog niet heeft plaatsgevonden. Beide situaties zijn niet prettig, want als er sprake is van overwaarde, dan wilt u die waarschijnlijk gebruiken om uw nieuwe huis te financieren. In veel gevallen is uw nieuwe huis immers duurder dan uw huidige woning.

Terughoudend met overbruggingskrediet

In de praktijk zijn geldverstrekkers terughoudend met overbruggingskredieten. Zij hebben namelijk geen zekerheid dat u bij verkoop van uw huis daadwerkelijk de overwaarde ontvangt waar u op rekent. Daarnaast krijgt u niet eindeloos de tijd om uw oude huis te verkopen. De maximale looptijd van een overbruggingskrediet hangt af van de voorwaarden van de geldverstrekker en varieert van zes maanden tot twee jaar.

Rekenvoorbeeld

Uw huidige huis heeft een waarde van 200.000 euro. Er rust een hypotheek van 150.000 euro op. Als u het huis inderdaad voor 200.000 euro verkoopt, heeft u na de overdracht 50.000 euro aan overwaarde. Het huis dat u op het oog heeft, kost 280.000 euro. Hoe groot uw overbruggingskrediet zal zijn, hangt af van de vraag of uw oude huis wel of niet is verkocht.

Oude woning nog niet verkocht

Als uw oude huis nog niet is verkocht, hanteren veel geldverstrekkers voor de berekening van het overbruggingskrediet een percentage van de vermoedelijke opbrengst, bijvoorbeeld 85 procent. Uw maximale lening is dan 20.000 euro. Dit bedrag komt tot stand door 85 procent van de verkoopprijs van 200.000 euro te nemen (170.000 euro), en daar het oude hypotheekbedrag (150.000 euro) van af te trekken.

Oude woning is verkocht

Als de woning wel is verkocht (voor 200.000 euro), maar de overwaarde van 50.000 euro is nog niet vrijgekomen, dan wordt de hoogte van het overbruggingskrediet op een andere manier bepaald. De geldverstrekker weet dan immers wat de overwaarde zal zijn. Wel houdt hij rekening met de verkoopkosten van de woning. De hypotheekverstrekker gaat daarvoor uit van bijvoorbeeld 3 procent van de verkoopprijs. In dit geval is dat 6.000 euro (3 procent van 200.000 euro). Uw overbruggingskrediet is dan maximaal 44.000 euro (50.000 – 6.000).

Kosten overbruggingskrediet

Als u in aanmerking komt voor een overbruggingskrediet, dan moet u zich voorbereiden op (tijdelijk) hoge maandelijkse lasten. U betaalt dan immers niet alleen de hypotheeklasten van uw nieuwe en oude huis, maar ook de rente over het overbruggingskrediet. Die rente is bovendien hoger dan de rente op uw gewone hypotheek. Daarnaast betaalt u soms notariskosten en kosten voor het afsluiten van het krediet.

Rente aftrekbaar

De rente over het overbruggingskrediet is overigens wel fiscaal aftrekbaar, als het krediet maar is afgesloten voor uw huis.

Meer informatie:

  • Vraag altijd advies aan uw hypotheekadviseur of een overbruggingskrediet in uw situatie een passende en verantwoorde oplossing is.
  • Als u overwaarde heeft, kunt u te maken krijgen met de bijleenregeling. Hierdoor mag u mogelijk niet alle (hypotheek)rente aftrekken. Wanneer de bijleenregeling geldt, leest u op de site van de Belastingdienst.

Hoe hou ik dubbele woonlasten binnen de perken?

Zelfs in een sterk verbeterde woningmarkt is het een risico: een ander huis kopen voordat u uw huidige woning hebt verkocht. U kunt dan immers te maken krijgen met dubbele woonlasten. Hoe houdt u die binnen de perken?

Dubbele woonlasten: dubbele hypotheekrenteaftrek

Een meevaller is dat de overheid u tegemoet komt; de hypotheekrente is voor beide woningen aftrekbaar, zij het tijdelijk. Dankzij een verruiming kunt u hier tegenwoordig vier jaar gebruik van maken: het kalenderjaar waarin u uw huis te koop heeft gezet en de drie daarop volgende kalenderjaren. Is uw nieuwe huis nog in aanbouw, dan geldt de dubbele renteaftrek vanaf het jaar waarin u uw nieuwe huis heeft gekocht.

Geen aangifte eigenwoningforfait

Ook op het vlak van het eigenwoningforfait werkt de overheid mee. Deze belasting over de waarde van uw woongenot hoeft u niet over uw oude huis te betalen als dit leeg te koop staat. Heeft u een huis gekocht dat nog in aanbouw is? Dan hoeft u voor dít huis geen aangifte voor het eigenwoningforfait te doen.

Uw huis verhuren

Ondanks de medewerking van de overheid kan het toch gebeuren dat u de dubbele woonlasten niet kunt opbrengen. U kunt dan onderzoeken of uw hypotheekverstrekker u toestaat uw oude woning te verhuren. Zo kunt u de dubbele lasten gedeeltelijk of misschien wel geheel dekken. Ook op dit vlak werkt de overheid mee; u verhuurt uw huis op basis van de Leegstandswet, waardoor er geen uitgebreide huurbescherming geldt. Heeft u het huis verkocht, dan kunt u de huur opzeggen. Voor de verhuur is wel een vergunning van uw gemeente nodig. Let er bovendien op dat u het recht op dubbele renteaftrek verliest zodra u het huis verhuurt.

Energiekosten laag houden

Om uw dubbele maandlasten zo laag mogelijk te houden, is het verstandig de rekeningen voor gas, water en licht in uw oude huis zo laag mogelijk te houden. Dat kan enerzijds door de goedkoopste aanbieder te kiezen, anderzijds door bijvoorbeeld de thermostaat laag te zetten.

Lening of schenking van ouders

Daarnaast kunt u ervoor kiezen een bedrag bij uw ouders te lenen om de dubbele lasten te kunnen betalen. Zij kunnen u ook een schenking doen. Valt dit bedrag binnen de schenkingsvrijstelling, dan hoeft er geen belasting over betaald te worden.

Uw nieuwe huis weer verkopen

Hoewel u dit natuurlijk niet wilt, is het verkopen van uw nieuwe huis ook een mogelijkheid om van uw dubbele woonlasten af te komen.

Meer informatie:

  • Vraag altijd advies aan uw hypotheekadviseur hoe u eventuele dubbele woonlasten beperkt kunt houden.
  • Er zijn voor- en nadelen verbonden aan het verhuren van uw huis op basis van de Leegstandwet.

Kan ik verhuizen met een restschuld?

Een restschuld is niet altijd een belemmering om een ander huis te kopen. U heeft zelfs meerdere mogelijkheden om, met een restschuld, een nieuwe hypotheek af te sluiten.

Restschuld meefinancieren in nieuwe hypotheek

U kunt uw restschuld (gedeeltelijk) meefinancieren in uw nieuwe hypotheek. U sluit dan dus een hogere lening af dan het bedrag dat u zonder restschuld maximaal mag lenen (dit jaar, 2017: 101 procent). Banken nemen hiermee een risico, omdat ze geld verstrekken zonder onderpand. Maar met voldoende inkomen en goede toekomstperspectieven willen veel banken best meewerken. Het meefinancieren van de restschuld kan, onder bepaalde voorwaarden, met behoud van Nationale Hypotheek Garantie (NHG). Voorwaarde is dat de hypotheek, inclusief de restschuldfinanciering, onder de NHG-grens blijft (nu: 245.000 euro) Een hypotheek met NHG geeft een veilig gevoel; als u buiten uw schuld uw hypotheeklasten niet meer kunt betalen, neemt de NHG uw schuld over. Het meefinancieren van uw restschuld in uw nieuwe hypotheek is onlangs fiscaal aantrekkelijker gemaakt. Het kabinet heeft besloten de hypotheekrente over de extra ‘restschuldlening’ gedurende 15 jaar aftrekbaar te maken. Dat was tot voor kort 10 jaar en is dus een verruiming.

Eigen spaargeld aanspreken

Als u voldoende spaargeld heeft, kun u uw restschuld (geheel of gedeeltelijk) aflossen uit eigen middelen. Het grote voordeel daarvan is dat uw maandelijkse hypotheeklasten dan flink lager zijn.

Hulp via een schenking

Een schenking van ouders of andere familieleden kan u helpen uw restschuld (geheel of gedeeltelijk) af te lossen. Dit kan dit jaar (2017) onder bepaalde voorwaarden tot een bedrag van  € 100.000 belastingvrij. Voorwaarde is wel dat dit geld is bestemd voor uw eigen woning. Om in aanmerking te komen voor deze regeling moet u ook tussen de 18 en 40 jaar oud zijn. Omdat de meeste restschulden veel lager zijn dat dit bedrag, kan een schenking een mooie oplossing zijn, of in ieder geval een deel van de oplossing. De gemiddelde 'onderwaarde' in Nederland bedroeg in 2016 33.000 euro. Het probleem voor huizenbezitters met een restschuld is overigens (enigszins) afgenomen, omdat de huizenprijzen gemiddeld zijn toegenomen en de restschuld daardoor lager uitpakt.

Samen meer lenen

Als u in uw eentje een woning heeft gekocht die nu 'onder water' staat, en u bent inmiddels samen, dan kunt u de stap naar een ander huis mét uw partner zetten. Tenminste, als u allebei een inkomen heeft. U kunt dan meer lenen. Het meefinancieren van de restschuld is dan vaak een stuk gemakkelijker.

Naar een goedkoper huis

U kunt verhuizen naar een goedkoper huis. Toch gebeurt dit niet vaak. De meeste mensen met een restschuld zijn vrij jong, tussen de 25 en 35. Die krijgen kinderen en willen om die reden juist groter gaan wonen. Groter is veelal duurder. Een goedkoper huis is vaak kleiner.

Persoonlijke lening

Heeft u geen eigen middelen en is meefinancieren geen optie? Dan kunt u uw bank vragen uw restschuld om te zetten in een persoonlijke lening. Voor kleine restschulden kan dit een optie zijn. Bij grotere restschulden is dit niet verstandig; de rente bij persoonlijke leningen is hoog.

Voorwaarden aan meefinancieren restschuld

Aan het meefinancieren van uw restschuld zijn wel voorwaarden verbonden. Die voorwaarden verschillen per bank. Vraag uw bank wat de mogelijkheden zijn in uw situatie.

Meer informatie:

  • Op Restschuldinfo geeft de Nederlandse Vereniging van Banken informatie. Ook kunt u hier lezen wat in algemene zin de mogelijkheden zijn als u met een restschuld te maken krijgt.
  • De Consumentenbond wijst erop dat een aantal belangrijke vragen op Restschuldinfo niet beantwoord wordt.
  • De Nationale Hypotheek Garantie legt op haar website uit wat de voorwaarden zijn om, met behoud van NHG, uw restschuld mee te financieren in uw nieuwe hypotheek.

Hoe werkt het financieringsvoorbehoud?

U kunt het koopcontract ontbinden als banken u geen hypotheek willen verstrekken. Of als uw maandlasten hoger zijn dan u in het koopcontract bent overeengekomen. Dit heet het financieringsvoorbehoud.

Maximale hypotheeklast

Het financieringsvoorbehoud is omschreven in artikel 8 van de model koop-/aannemingsovereenkomst. In dit artikel vult u de hypotheeklast in die u maximaal per maand wilt betalen. Het gaat hier dus om de maandelijkse kosten aan rente en aflossing. Bij een levenshypotheek gaat het om de rente plus de premie. Om welke hypotheek het ook gaat, u weet vooraf wat u per maand gaat betalen. Let op: het gaat hier om de bruto maandlast. Dat is dus zonder de hypotheekrenteaftrek.

Bijzonderheden vastleggen

Er zijn verschillende hypotheekvormen en looptijden mogelijk. Heeft u bijzondere wensen, dan doet u er verstandig aan deze vast te leggen. Doet u dit niet, dan loopt u het risico dat u het contract niet kunt ontbinden als dat nodig is. Kiest u bijvoorbeeld voor een looptijd van twintig jaar in plaats van de gebruikelijke dertig, dan zijn de maandlasten hoger. De ontwikkelaar kan dan van u vragen om nieuwe offertes aan te vragen met een langere looptijd.

Geen passend hypotheekaanbod

U heeft na het ondertekenen van het koopcontract twee maanden de tijd om de financiering rond te krijgen. Als dit niet lukt, kunt u de koop ontbinden. U moet dan kunnen aantonen dat de bruto maandlast in uw hypotheekoffertes hoger is dan het maximumbedrag dat u in het koopcontract heeft vastgelegd. Lange tijd had u minimaal twee afwijzingen nodig om de koop te ontbinden. Tegenwoordig is steeds vaker één afwijzing voldoende. Informeer goed wat in uw situatie van toepassing is.

Ontbinden: hoe?

U ontbindt de koopovereenkomst per aangetekende brief of faxbericht met verzendbevestiging. Dit doet u binnen acht dagen na het verlopen van de termijn voor vervulling van de ontbindende voorwaarden. Meer informatie over het ontbinden van de overeenkomst leest u in Vraag & Antwoord: Juridisch - Wat zijn ontbindende en opschortende voorwaarden?

Hypotheekofferte niet meer geldig: wat nu?

Een hypotheekofferte is beperkt geldig. Het kan dus gebeuren dat de offerte verloopt vóór de levering van uw huis. Als u de offerte niet kunt verlengen, moet u een nieuwe aanvragen. Dat is vooral vervelend als in de tussentijd de rente is gestegen en uw maandlasten daardoor hoger uitpakken. Een kleine troost: u kunt de koop ontbinden als de maandlasten hoger worden dan u in het koopcontract bent overeengekomen. U kunt dit allemaal vrij gemakkelijk voorkomen door een offerte voor een jaar af te sluiten.

Wat houden al die rentes in?

Bouwrente, boeterente, hypotheekrente en depotrente. Bij nieuwbouw spelen verschillende rentes een rol, vaak passend bij bepaalde momenten in het ontwikkeltraject.

Rente over de grond: grondrente

De projectontwikkelaar koopt de grond voordat hij deze aan u doorverkoopt. Hij schiet de kosten van de grond dus aan u voor. Dit wordt ook wel voorfinanciering genoemd. Hij mag daarom aan u rente over de grond in rekening brengen, vanaf de datum dat hij de grond heeft gekocht tot aan de datum waarop u het koopcontract ondertekent en daarmee dus de koop sluit. Meestal heet dit grondrente of grondkostenrente. Let op: u bent na het ondertekenen van het koopcontract nog geen eigenaar. Dat wordt u op de datum van de notariële overdracht, als u de leveringsakte ondertekent.

Rente over de aanneemsom: rente tijdens de bouw

Bij de aanneemsom werkt het ongeveer hetzelfde. Als de aannemer is gestart met de bouw voordat u het koopcontract tekent, betaalt u rente over de termijnen die inmiddels gepasseerd zijn, de zogeheten vervallen termijnen. Een benaming hiervoor is rente tijdens de bouw. Is de bouw nog niet begonnen op het moment van koop, dan betaalt u deze rente niet.

Rente tussen koop en levering: uitstelrente

Het is gebruikelijk dat u de kosten voor de grond pas betaalt op het moment van de overdracht bij de notaris. Gedurende de periode tussen de koop en de daadwerkelijke levering financiert de ontwikkelaar de grond dus nog steeds voor. Ook daarover betaalt u rente. Deze rente heet meestal uitstelrente. Als er tussen de koop en de levering ook termijnen van de aanneemsom vervallen, betaalt u ook daarover rente. Net als bij de grond wordt dit uitstelrente genoemd. U betaalt deze rente ook als de bouw start tussen het moment van koop en levering.

Bouwrente als verzamelbegrip

Bouwrente is het verzamelbegrip voor al deze verschillende rentes (grondrente, rente tijdens de bouw en uitstelrente). De rentepercentages voor de verschillende soorten rente kunnen verschillen. U vindt ze in uw contract. Is het u niet duidelijk? Vraag uw contactpersoon dan om uitleg.

Boeterente bij te late betaling

Bij de levering betaalt u de grond en de vervallen termijnen van de aanneemsom, inclusief alle verschuldigde rente hierover. Als u hiermee te laat bent, kan de aannemer of ontwikkelaar u opnieuw rente in rekening brengen. Dit heet boeterente. Dat kan ook gebeuren als u een van de volgende termijnen te laat betaalt.

Hypotheekrente vanaf de levering

Tegelijk met de levering gaat uw hypotheek in. Termijnen die u moet betalen ná de datum van levering, betaalt u vóór de vervaldatum uit uw hypotheek. U hoeft dan geen bouwrente meer te betalen. Wel betaalt u vanaf dat moment hypotheekrente.

Depotrente en renteverlies tijdens de bouw

Het deel van de hypotheek dat u heeft gereserveerd voor nog te betalen termijnen, heet (nieuw)bouwdepot. Over dit depot ontvangt u depotrente. Het gereserveerde bedrag (depot) wordt kleiner naarmate de bouw vordert. U ontvangt dus ook steeds minder depotrente. Het totale hypotheekbedrag en de hypotheekrente die u betaalt, blijven echter gelijk. Daardoor ontstaat een verschil. Dit verschil wordt ook wel renteverlies tijdens de bouw genoemd. Idealiter is de depotrente gelijk aan de hypotheekrente. Als de depotrente lager is, heeft u extra renteverlies tijdens de bouw. Houd hier rekening mee als u de hypotheekvoorwaarden bespreekt.

Wettelijke rente

Dan is er nog het begrip wettelijke rente. U komt deze rente tegen in de algemene voorwaarden bij uw koopcontract. De wettelijke rente is vaak van toepassing als er sprake is van een schadevergoeding. De verkoper moet bijvoorbeeld de betaalde grondkosten plus de wettelijke rente daarover aan de koper terugbetalen als de bouw onverhoopt niet doorgaat. De overheid stelt het rentepercentage vast voor de wettelijke rente.

Meer informatie:

Hoe gaat betalen in termijnen?

U betaalt een nieuwbouwhuis dat nog niet is opgeleverd of zelfs nog niet in aanbouw is, in termijnen. Deze termijnen zijn gekoppeld aan de voortgang van de bouw.

Betaling volgt voortgang bouw

U kunt een nieuwbouwhuis al kopen voordat de bouw is gestart. U betaalt dan niet direct het volledige aankoopbedrag, maar kleinere bedragen in termijnen. U volgt hiervoor een betalingsschema, dat gekoppeld is aan de voortgang van de bouw. Eerst betaalt u de grond. Vervolgens betaalt u in een aantal termijnen de aanneemsom.

Aantal termijnen variabel

Bij huizen met het Keurmerk GarantieWoning, is het aantal termijnen heel precies voorgeschreven. Enkele voorbeelden:
  • Bij een eengezinshuis met één woonlaag dat traditioneel gebouwd wordt, betaalt u in vijf termijnen.
  • Koopt u een huis met zes woonlagen, waarbij de gevels pas later gesloten worden, dan betaalt u in elf termijnen.
  • Voor appartementen gelden in de regel acht termijnen.

Mijlpalen voortgang bouw

De eerste mijlpaal is de start van de bouw. Dit is het moment waarop u de eerste termijn betaalt. Deze bedraagt altijd tien procent van de aanneemsom. Na de start van de bouw volgen nog meer mijlpalen. Zoals het gereedkomen van de ruwe vloeren van de begane grond en, bij eengezinswoningen, de verschillende verdiepingen, het gereedkomen van de binnenspouwbladen en de buitengevel, het waterdicht maken van het dak, het gereedkomen van het stuc-, spuit- en tegelwerk en de oplevering. De laatste twee termijnen zijn vaste percentages van de aanneemsom, respectievelijk twintig en tien procent.

Wanneer betalen?

De grond betaalt u altijd bij de levering bij de notaris. Is de bouw al gestart, dan betaalt u op dat moment ook de reeds vervallen termijnen. De volgende termijnen moet u betalen binnen twee weken na ontvangst van de factuur. U moet nooit vooruit betalen. De belangrijkste reden hiervoor is dat u dit bedrag hoogstwaarschijnlijk kwijt bent als de bouwer failliet zou gaan.

Meer informatie:

Welke kosten zijn fiscaal aftrekbaar?

De hypotheekrente is fiscaal aftrekbaar. Dat geldt ook voor de kosten voor het verkríjgen van een hypotheek, zoals advieskosten, de afsluitprovisie en notariskosten.

Aftrekbare hypotheekrente

De rente op uw hypotheek of lening voor het aankopen van een nieuwbouwhuis is fiscaal aftrekbaar. Als u bepaalde niet-aftrekbare kosten heeft meegefinancierd, kunt u de rente daarover ook aftrekken. Onder voorwaarden is de rente op uw nieuwbouwdepot eveneens aftrekbaar. En heeft u een restschuld na het verkopen van uw oude huis, dan kunt u de rente daarover - onder voorwaarden - nog maximaal tien jaar aftrekken.

Andere aftrekbare kosten

Behalve de rente op uw hypotheek, zijn ook de kosten die u moet maken voor het verkríjgen van die hypotheek, aftrekbaar. Althans, in het jaar van aankoop. Het gaat om de volgende kosten:
  • Bemiddelings- of advieskosten voor het krijgen van een lening.
  • De afsluitprovisie voor uw hypotheek.
  • Eventueel betaalde boeterente of oversluitkosten voor uw bestaande hypotheek.
  • De notariskosten voor de hypotheek.
  • De kosten van inschrijving van de hypotheek bij het Kadaster.
  • De kosten voor het aanvragen van Nationale Hypotheek Garantie.
  • Bouwrente over de periode vanaf het sluiten van de (voorlopige) koopovereenkomst.
  • De kosten van het nieuwbouwdepot (onder voorwaarden).
Ook taxatiekosten om een lening te krijgen, zijn aftrekbaar. Normaal gesproken is dit bij nieuwbouw niet aan de orde. U financiert op basis van de koopprijs. Meerwerk financiert u op basis van een offerte. Let op: de bouwrente over de periode vóór het afsluiten van de voorlopige koopovereenkomst is niet aftrekbaar. Deze rente maakt deel uit van de aankoopprijs van uw huis.

Niet-aftrekbare kosten

U maakt bij het kopen van een nieuwbouwhuis ook kosten die niet aftrekbaar zijn. Dit zijn kosten die samenhangen met de aankoop van uw huis. Het gaat om de volgende kosten:
  • Bemiddelings- en advieskosten voor de aankoop van uw huis (bijvoorbeeld uw eigen makelaar of een bouwkundig adviseur).
  • Omzetbelasting (BTW).
  • Bouwrente over de periode vóór het afsluiten van de voorlopige koopovereenkomst.
Bij nieuwbouw die langer dan twee jaar geleden in gebruik is genomen, betaalt u geen BTW, maar overdrachtsbelasting. Deze is ook niet aftrekbaar. U koopt een nieuwbouwhuis meestal vrij op naam. De ontwikkelaar betaalt dan de notariskosten en de kosten voor inschrijving van de koopakte bij het Kadaster. Deze kosten kunt u niet aftrekken, ook niet als u de kosten zelf betaalt. De hierboven genoemde kosten zijn niet fiscaal aftrekbaar. Maar u mag ze wel meefinancieren in uw hypotheek. Hierbij bent u echter gebonden aan het maximum van uw lening ten opzichte van de waarde van het huis.

Belastingregels in de gaten houden

In uw belastingaangifte kunt u in het jaar van aankoop de aftrekbare kosten van uw inkomen aftrekken. Deze kosten vult u in box 1 in. Daardoor wordt het verzamelinkomen lager en hoeft u minder belasting te betalen. Te veel betaalde belasting krijgt u terug van de Belastingdienst. De werkelijkheid is soms een stuk complexer dan hierboven geschetst. Uw hypotheek moet aan voorwaarden voldoen (u moet aflossen op uw lening), u moet rekening houden met de bijleenregeling, enzovoort. Informeer uzelf goed hierover, of schakel een adviseur in.

Meer informatie: